|
De oerdroom van de mens is: het paradijs. In tal van mythen en verhalen komt die droom terug. In het christendom kennen we de mythe van het aards paradijs, waar de mens uit wordt verjaagd omdat hij de stap naar het bewustzijn heeft gezet. Daardoor is hij uit de paradijselijke staat van eenheidsbewustzijn gevallen. Iedere mens moet die weg gaan: we moeten de baarmoeder verlaten, een ‘ik’ ontwikkelen en onze weg in de wereld zoeken. Maar het oerverlangen blijft.
Alleen als we het ‘ik’ kunnen overstijgen vinden we de weg terug naar die vanzelfsprekende geborgenheid in het geheel, het zijn zelf, God…
Een droom die ik onlangs toonde me heel helder hoe mijn – en ik denk ons aller – situatie is. Ik verwoordde die droom in onderstaand gedicht. Ter herkenning en om de moed er in te houden…
Via dolorosa Ik droomde mij een tuin van tederheid, waar ik voorgoed zou mogen wonen en als een kind had ik mij neergevleid aan paradijselijke stromen.
Nu zie ik om naar de gesloten poort maar koester mijn vervlogen dromen alsof ik echt de vloek niet heb gehoord, mijn oog het licht niet is ontnomen.
Een engel met een vlammend zwaard staat daar, maar niet om mij voorgoed te weren. Zij smeekt mij met haar vurige gebaar om op mijn schreden terug te keren.
 |